Recensie

Het verloren huis, een boek over schrijvershuizen

Door Nico Keuning, geplaatst op 30 september 2013

het-verloren-huis---nico-keuning[0]

Het begint met lezen, de vonk die overslaat, bewondering. Wie is deze schrijver? Zo wordt de lezer reiziger, in de sporen van de schrijver.

Op weg van verbeelding naar de werkelijkheid. Op zoek naar de plek, het huis. En al woont de schrijver er niet meer, of is het huis zelfs gesloopt of in vlammen opgegaan, dan nog, raakt de lezer op de plek in staat van verbeelding: de werkelijkheid wordt gekleurd door herinneringen aan het oeuvre, door passages uit boeken en brieven.

Nico Keuning (letterkundig biograaf en publicist) reisde in Nederland, België, Denemarken, Noorwegen, Zwitserland, Frankrijk en Ierland naar: Wassenaar (Jan Arends), Erembodegem (Louis Paul Boon), Rijmenam (Jeroen Brouwers), Bergen aan Zee (Johnny van Doorn), Groet (Chris J. van Geel en Nescio), Kopenhagen en Lom (Knut Hamsun), Montagnola (Hermann Hesse), Greonterp en Le Poët-Laval (Gerard Reve), Sierre (Rainer Maria Rilke) en Rotterdam en Dunlewey (Bob den Uyl).

‘Closed vermeldt een kartonnetje aan een touwtje achter bestofte ramen in Dunlewey. In de hoek van een raam, op de vensterbank, leunt de dood: een dodenmasker op een stok, omkleed met een zwart doek. We lopen om het huis, kijken aan de achterkant door kapotte ramen naar binnen.’

Op weg naar het Geheime Landgoed van Gerard Reve: ‘De facteur van Vesc wijst mij de weg naar het adres dat volgens het telefoonboek ‘Quart Peine’ heet. Een stevige mistralwind duwt tegen mijn auto als ik het smalle steile bergpad oprijd. Het is niet verwonderlijk dat Reve hier in het begin kruisen sloeg als hij naar hoven reed of vooraf kalmerende middelen slikte. God heeft hier met een spade de kanten afgestoken. Een halve meter naast het rechtervoorwiel houdt de weg op en valt er een gat in de aarde van honderden meters diep.’

Huize Krekelbos, waar Jeroen Brouwers, zijn Zonder trommels en trompetten schreef, ligt verstopt in Rijmenam: ‘We lopen verder tot waar het bos begint en het duister ons opslokt. Rechts glinsteren plassen tussen de boomstammen. ‘Het moeras,’ herinner ik mij uit de klaagzangen. Wij volgen het pad, verder, dieper het bos in. Het wordt donkerder onder de metershoge prunusstruiken die net zijn uitgebloeid. Tussen de stammen ligt afval. Flarden plastic, een beschimmelde rode bal. Dan herken ik Huize Krekelbos. Het staat er nog. Zij het vervallen. En onbewoond, zo lijkt het.’

Ruim tien jaar na de dood van Louis Paul Boon, loopt Keuning met de weduwe door de stilte van Villa Ysengrimus, in Erembodegem: ‘Jeanneke vertelt dat Louis Eros en de eenzame man in een paar weken heeft geschreven: “Hier, op de hoek van de tafel,” wijst ze, “terwijl ik tv zat te kijken.”

“Zo, dat is eruit,” had ie gezegd toen het af was.
Zij laat mij de plek in het huis zien, waar zij die tiende mei Boon op de vloertegels voor zijn schrijftafel had aangetroffen. In dat bescheiden hoekje aan een eenvoudige tafel, waaraan hij zo vele meesterwerken heeft geschreven. Met ongeloof kijk ik naar de lege plek.’

Het verloren huis beschrijft de roes van een literair reiziger.

Titel: Het verloren huis
Auteur: Nico Keuning
Uitgever: Uitgeverij Reservaat