Recensie

Kunstkritiek in Nederland, deel 11

Door Jan Dietvorst, geplaatst op 19 juli 2017


Wegwijzers in oude en moderne kunst
is het elfde en laatste deel dat in de monumentale reeks Kunstkritiek in Nederland 1885 –  2015 bij uitgeverij NAI010 is verschenen. De opzet is steeds om met een bloemlezing van teksten uit kranten en tijdschriften een bepaald tijdvak, artistieke stroming of een ontwikkelingsgang van de beeldende kunst vanaf 1885 weer te geven en te becommentariëren. Peter de Ruiter – met Jonneke Jobse de initiatiefnemer van de reeks – maakte deel 11 over de kunstkritiek van Jan Engelman, Jos de Gruyter, Kaspar Niehaus en A.M. (Bram) Hammacher.

Wat hen verbond schrijft De Ruiter in zijn uitstekende inleiding is het besef deel uit te maken van een generatie die getuige was van een wereld in chaos en ontwrichting ten gevolge van de Eerste Wereldoorlog. In de eerste stukken in het boek proberen de critici de beginselen van (hun) kunstkritiek te formuleren; De Ruiter heeft zijn inleiding de titel ‘Wegwijzen, oordelen en partij kiezen’ gegeven. Opmerkelijk is dat drie van de vier als schilder of schrijver ambities hadden, hun programmatische teksten lezen als een geloofsbelijdenis, een kenmerk dat overigens in alle teksten in het boek, onafhankelijk van het onderwerp: oude kunst/moderne kunst, pro/contra – lijkt terug te komen.

Cézanne, Rembrandt, Renoir, Mattijs Maris, Maillol, Rodin; het zijn niet de kunstenaars waarop wij in het tijdvak dat deze stukken bestrijkt (1918 – 1965) vooral terugkijken. Er zijn geen kritieken over DADA, surrealisme, Mondriaan, Bauhaus of het Expressionisme. Het Interbellum brandde en schitterde voor hen op een andere wijze dan voor de degenen die na 1945 geboren zijn. De afstand zit al evenzeer in de wijze van uitdrukken. De meeste van deze stukken verschenen in dagbladen, maar citaten in het Frans werden niet voor de lezer vertaald. Engelman, De Gruyter, Niehaus en Hammacher schrijfwijze zouden wij tegenwoordig dichterlijk, literair en essayistisch of filosofisch noemen. Hammacher gebruikt in een stuk over Renoir de uitdrukking: goddelijke verdichtingen van het levensbeeld’. Hij legt het verder niet aan zijn lezers uit, de indruk bestaat dat zij zich namelijk met evenveel gemak bedienden van woorden als ‘ ziel’ en ‘ wezen’ en daar anders dan wij zich iets zeer concreets bij voorstelden.

Deze teksten vragen met andere woorden om aandachtige en zorgvuldige lezers. Ondanks de afstand in tijd en stijl wordt het eens te meer duidelijk dat kunst bevlogen explicateurs en ware gelovigen nodig heeft.

Peter de Ruiter. Wegwijzers in oude en moderne kunst/ Kunstkritieken van Niehaus, Hammacher, De Gruyter, Engelman 1918 -1965, uitgegeven door nai010 uitgevers.

Op 15 september vindt in het Rijksmuseum het Symposium Kunstkritiek in Nederland plaats. Met o.a. Catrien Schreuder, Mieke Rijnders, Sven Lütticken, Rogier Schumacher, Peter de Ruiter. Jonneke Jobse,  Fieke Konijn, Arnold Heumakers en Anne Ruygt.