Recensie

Wie was Hans Boslowits?

Door Anton de Goede en Jan Dietvorst, geplaatst op 20 juni 2014

wie was Boslowits
Onderzoeksjournalistiek binnen de literatuur, bestaat dat? Het is hoe dan ook schaars. Igor Cornelissen laat in zijn Wie is Hans Boslowits? /Gerard Reves debuut ontrafeld zien tot wat voor adembenemende vondsten het leiden kan. Uitgaande van de gedachte dat Gerard Reve ‘nooit iets verzon’ ging hij enkele jaren geleden op zoek naar de personen die model moeten hebben gestaan voor de familie Boslowits, zoals beschreven in misschien wel het sterkste verhaal uit de Nederlandse literatuur over de Tweede Wereldoorlog. De gezinsvader uit Reves vlak na de oorlog geschreven novelle De ondergang van de familie Boslowits (‘hij was gebrekkig en had een door ziekte geheel verlamd onderlichaan’) blijkt gebaseerd op de persoon Alphons Bobrownitzki wiens contouren in Cornelissens studie langzamerhand naar voren komen. Zijn beeltenis ontbreekt aanvankelijk. Totdat Cornelissen, min of meer bij toeval, bij het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis op een doos met curieuze foto’s stuit. ‘Op een ervan stond Alphons Bobrownitzki afgebeeld, op een andere zijn oudste zoon met, precies zoals Reve hem beschreef, zwart haar in een strakke scheiding.’

(Anton de Goede maakte voor de VPRO radio een interview met Igor Cornelissen Het is te beluisteren op http://www.vpro.nl/speel.program.38306079.html)

————————————————————————————————————————

Volgens Gerard Reve werd het milieu waarin hij in het vooroorlogse Amsterdam opgroeide vooral bevolkt door ‘bultenaren, horrelvoeten, astma- en teringlijders, bezetenen en querulanten’.  Reves vader was redacteur van dagblad De Waarheid, het is onwaarschijnlijk dat diens communistische kameraden met hun ‘valse leer’ van zijn afkeer uitgesloten waren en ook zijn vader zelf niet. Ergens schrijft Reve dat hij in een brief aan de Nederlandse Opperbevelhebber der Luchtmacht het verzoek heeft gedaan het huis van Theun de Vries, schrijver met communistische sympathieën, te bombarderen en zegt dat hij bij het dringende verzoek de precieze coördinaten van de woning van zijn vermeende vijand heeft bijgesloten.

De ouders van Reve onderhielden vriendschappelijke betrekkingen met het gezin dat hij in zijn debuut De Ondergang Van De familie Boslowits (1946) beschrijft.  Reve noemt overigens met geen woord hun communistische overtuiging,  het drama van dit gezin ten tijde van de Duitse bezetting heeft een andere grond die hij overigens ook niet met name noemt. Ondergang (1965) is de titel van Jacques Pressers standaardwerk over de Jodenvervolging, het is denkbaar dat de hoogleraar geschiedenis die nota bene een van Reves docenten op het Vossiusgymnasium was zijn titel aan die van de alom als meesterwerk aangeduide novelle van zijn leerling ontleende. Reve beschrijft de gebeurtenissen als een afstandelijke buurtverslaggever; de feiten en de atmosfeer zijn volgens ooggetuigen – o.a. zijn vader en oudere broer Karel –  betekenisvol en treffend weergegeven.

De ondergang van de familie Boslowits

Wie was Hans Boslowits, de man wiens tragische en onaanzienlijke neergang door Reve tot literatuur is verheven? Journalist Igor Cornelissen is gespecialiseerd in Oost-Europa, communisme, spionage en de Tweede Wereldoorlog. De meeste data over Alphons Bobrownitzki, zoals de hoofdpersoon in werkelijkheid heette, ontleende Cornelissen aan de archieven van Nederlandse communisten in het Internationale Instituut voor Sociale Geschiedenis IISG. In feite is zijn zoektocht naar het personage aanleiding voor een beschrijving van de communistische gemeenschap tijdens het Interbellum. Communisten waren dan wellicht naar huidige maatstaven abject en verregaand verdwaasd, maar anderzijds waren de kameraden anders dan de donkerbruine atmosfeer van de crisisjaren doet vermoeden internationaal georiënteerd en politiek goed op de hoogte. De rol van Bobrownitzki in de klassenstrijd wordt overigens niet duidelijk. Wel de atmosfeer van burenhulp, armoede en halve en tenslotte volledige illegaliteit waarin de ondergang van de vriendelijke invalide voormalige handelaar in textiel, zijn zwakzinnige jongste zoon Sigmund, zijn onhandelbare oudste zoon Fons en zijn hypernerveuze echtgenote Annie zich voltrok.

Alphons-Bobrownitzki

Exemplarisch voor de grondige aanpak van Cornelissen is de volgende beschrijving van een van de personen in de periferie van het gezin: “Josefina Christina, Luisinda Timmer verkeerde in de jaren 1914 –1924 in het linkse milieu waar ze de familie Bobrownitzky zal hebben leren kennen. Ze was getrouwd geweest met de arts Francois Joseph Marie Colson, die ook als kwakzalver en magnetiseur is beschreven. Colson liep rond in een blauwe pij en droeg een lange apostelbaard en maakte nogal indruk op vrouwen. Na diens dood hertrouwde ze met de christensocialist Hendrik Andreas Koomans, die de uiteenlopende beroepen van dagbladjournalist, handelsagent, boekdrukker en autoverkoper uitoefende. Dat huwelijk eindigde in 1919 met een scheiding. Door haar  volgende huwelijk met de anarchistische vakbondsbestuurder Harm Kolthek kreeg ze enige landelijke bekendheid…”

In zijn zeer gedetailleerde en goed geschreven boek lijkt Igor Cornelissen ongeveer alles omtrent Alphons Bobrownitzki te hebben beschreven. Toch is er één archief dat deze onderzoeker niet heeft kunnen raadplegen waardoor er nog het een en ander te gissen valt. Zelfs met de voorspraak van Minister van Binnenlandse Zaken dr. Ronald Plasterk bleef het ‘communisten archief’ van de AIVD voor de schrijver gesloten.

Igor Cornelissen heeft met zijn boek een voorheen anoniem Joods gezin een begrafenis gegeven.

Titel: Wie was Hans Boslowits? Gerard Reves debuut ontrafeld
Auteur: Igor Cornelissen
Uitgever: Bas Lubberhuizen