Nieuwe uitgave

Every Day A New Book

Redactie, geplaatst op 27 mei 2017


In de maand april maakte Wil van Iersel elke dag een nieuw boek. Zijn activiteit is een onderdeel van zijn project Every Day A New Book waarin de kunstenaar gedurende één maand van het jaar op een bepaald thema een boek samenstelt. Peripheral vision – perfifeer zicht – is dat deel van het blikveld waarop je al kijkend niet scherpstelt; Van Iersel fotografeerde voor de april reeks onderwerpen in zijn omgeving waar de aandacht als het ware meestal niet op valt. De boeken zijn zowel los verkrijgbaar als in cassette.

Bekijk een aantal van de boeken:
April 01: http://www.blurb.com/books/7845633-every-day-a-new-book-2017
April 21: https://septemberbook.wordpress.com/2017/04/21/april-21/
April 16: https://septemberbook.wordpress.com/2017/04/16/april-16/
April 08: http://www.blurb.com/b/7861988-april-08
April 25: http://www.blurb.com/books/7897477-april-25
April 29: http://www.blurb.com/b/7908172-april-29
April 30: http://www.blurb.com/b/7909394-april-30

Recensie

Springvloed

Door Jan Dietvorst, geplaatst op 26 mei 2017


Uit de omvangrijke collectie van het Fotomuseum in Rotterdam stelde Willem van Zoetendaal de tentoonstelling Springvloed samen. Bij de tentoonstelling maakte samensteller, vormgever en uitgever Van Zoetendaal ook een aantrekkelijk boek. Wat opvalt in de uitgave is het grote aantal zwart wit foto’s dat hij uit de collectie gekozen heeft. Bij archieven denk je aan vroeger en de geschiedenis van de fotografie is voor een groot deel in zwart wit. Ook hedendaagse fotografen zijn soms op zoek naar het patina dat de tijd geheel gratis aan foto’s geeft.

Fotografen als Otto Snoek, Esther Kroon, Holger Niehaus en Céline van Baalen lijken zich met hun zwart wit opnamen als het ware bewust tussen canonieke fotografen als Schuitema, Oorthuys, Citroen en Kees Hana te hebben verstopt. Wellicht juister is de vaststelling dat Van Zoetendaal met zijn selectie de continuïteit in het Nederlandse fotografische corpus belicht. In zijn nawoord schrijft hij: “Om de enorme hoeveelheid foto’s en negatieven van het Nederlands Fotomuseum te lijf te gaan, heb ik ervoor gekozen om bepaalde onderwerpen zoals mannen, gebouwen, steden, machines –masculiniteit – links te laten liggen en me te beperken tot vrouwenportretten, interieur en natuurstillevens.”

Naast onderwerpkeuze was een ander belangrijk criterium bij zijn presentatie het gebruik van afdrukken van het complete negatief. Op het omslag staat een portret van Wilma (foto Paul Citroen), de echtgenote van schilder Carel Willink, die nota bene zelf een wit vel achter haar hoofd vasthoudt om haar profiel – het doel van deze opname – beter te doen laten uitkomen. Zonder de blik van Van Zoetendaal zou deze meta- informatie verloren gaan, de fotografie zou er in zijn optiek armer, dat wil zeggen objectief en in zekere zin onmenselijk door worden. Het is een speciale interesse in de rol van het toeval en de omstandigheden waarin foto’s worden gemaakt.

De vraag is natuurlijk wat zijn selectie nog meer is dan categoraal en integraal, van rand tot rand. In veel foto’s uit zijn selectie speelt de kleur wit een belangrijke rol, met als apotheose Paul Schuitema’s foto van een glas melk; in feite een onaanzienlijk onderwerp dat gezien door de fotograaf groot en groots geworden is. Naast eenvoudige en huiselijke onderwerpen heeft Van Zoetendaal een zintuig voor textuur: van textiel, bont, hout, haar, wortels van planten en stenen voorwerpen. Hij kijkt als het ware naar foto’s alsof het een tactiele bezigheid is.

Op zijn selectie is een uitspraak van Susan Sontag in het bijzonder van toepassing. Zij scheef in 1973 in haar nog steeds toonaangevende boek Over Fotografie:’ De fotografie is een melancholieke kunstvorm, een kunst van de schemering. De meeste gefotografeerde onderwerpen zijn beladen met pathos, louter en alleen op grond van het feit dat ze gefotografeerd werden.’

Van de mij onbekende Paul Steenhuizen (1870 – 1940) die een zekere bekendheid had als ‘vogelfotograaf’ zijn twee foto’s in het boek opgenomen. HIj was in Artis werkzaam als taxidermist en fotografeerde in die hoedanigheid het van houten planken getimmerde skelet van een giraf en van een rob of een vis, constructies die de opgezette dieren stevigheid gaven. Het zijn ongeziene, raadselachtige objecten die door een fotograaf gezien en daarom voor ons behouden zijn. Willen van Zoetendaals Springvloed is een afgeleide van precies die activiteit.

Springvloed, Van Zoetendaal & de collectie. Nederlands Fotomuseum Rotterdam. Van 20 mei tm 3 september 2017.

Nieuwe uitgave

Parelduiker: Gerrit Komrij

Redactie, geplaatst op 24 mei 2017


De nieuwe Parelduiker is deze keer gewijd aan Gerrit Komrij. Op 5 juli wordt zijn vijfde sterfdag herdacht, o.a. met de uitgave van zijn onbekende debuutroman De lange oren van Midas en met een speciale aflevering van De Parelduiker.

Op 5 juli 2017 is Gerrit Komrij vijf jaar geleden overleden. Hij wordt al een half decennium zeer node gemist, wellicht het meest als commentator en duider van de vele wanen en waanzinnigheden van deze zonder hem wel erg duistere en humorloze tijden. Of het nu ging om migranten, populisme, homoknuffelarij versus anti-homogeweld, cultuurafbraak, de treurbuis, politici, islamitisch radicalisme, de neergang van de PvdA of het verraad van zijn generatie – Komrij drong door tot de kern van kwesties. Dat deed hij in zijn hoedanigheden van ‘woordvoerder van niemand’ en ‘kleinst mogelijke mondige minderheid’ op strikt persoonlijke titel door dwars tegen de tijdgeest en de communis opinio in te gaan.

Die averechtse houding kenmerkte het volledige, vrijwel onafzienbare oeuvre dat hij in bijna een halve eeuw produceerde als dichter, columnist, essayist, criticus, toneelschrijver, romancier, vertaler en bloemlezer. Voor een eindbalans of een geconsolideerde verlies- en winstrekening is het nog te vroeg. Maar in dit dubbelnummer worden wel de verschillende kanten van zijn veelzijdige oeuvre en persoonlijkheid getoond. Zoals zijn relaties met de Zuid-Afrikaanse literatuur, het toneel- en vertaalwerk waarmee hij eerst hemelhoge roem vergaarde maar daarna veel kritiek te verduren kreeg, zijn gevreesde en vileine televisiekritieken, de talloze bloemlezingen, de botsing met J. Bernlef, zijn rol als homo-activist en zijn rol als Dichter des Vaderlands en inspirator van collega-dichters van toen en nu. Voorts biedt dit nummer inkijkjes in Komrij-antiquariaatscatalogi en in zijn papieren geheugen. Een gevarieerde en kleurrijke verkenning van het Komrijk dus en tegelijk een eerbetoon aan een unieke en inspirerende vriend van de poëzie, boeken en schone letteren.

M.m.v. Arie Pos (gastredacteur), C.J. Aarts, Gerardjan Rijnders, Kester Freriks, Gert Hekma , Ad Zuiderent, Ditmar Bakker, Frits Abrahams, Rob Schouten, Sander Bax, Jaap van der Bent, Lennard van Rij, Ingrid Glorie, Petrovna Metelerkamp, Daniel Hugo, Feline Streekstra, Menno Voskuil en Peter van Hugten.

Nieuwe uitgave

Tien dagen die de wereld deden wankelen

Redactie, geplaatst op 17 mei 2017

Het was 7 november 1917 en wie het nieuws hoorde, viel van zijn stoel: in Rusland had een relatief kleine groep bolsjewieken de macht gegrepen, het autocratische bewind van de tsaar vernietigd en de eerste proletarische arbeidersstaat ter wereld uitgeroepen. Het was de geboorte van een experiment dat een stempel zou drukken op de hele twintigste eeuw. Over die Oktoberrevolutie zijn vele boeken volgeschreven. Sommige analyserend, andere verhalend, sommige negatief, andere positief. Maar ze zijn allemaal achteraf geschreven.

In de wereldliteratuur bestaat één grote uitzondering: Tien dagen die de wereld deden wankelen, het meeslepende ooggetuigenverslag van de jonge Amerikaanse journalist John Reed, één van de weinige westerlingen die de revolutie vanaf de eerste rij meemaakte. In zijn reportage holt Reed als een razende reporter van hot naar her, brengt verslag uit van de toespraken van Lenin over ‘vrede, brood en land’, staat op de eerste rij bij de bestorming van het Winterpaleis en woont de bezetting van fabrieken bij. Een boek dat de geestdrift van die periode geniaal in woorden weet te vatten.

Precies honderd jaar na de Oktoberrevolutie geeft Uitgeverij Schokland in samenwerking met de Belgische uitgeverij EPO een nieuwe editie van deze klassieker uit. Deze heruitgave van Tien dagen die de wereld deden wankelen verschijnt in een herziene vertaling en gaat – voor het eerst in een Nederlandstalige uitgave van dit boek – vergezeld van het oorspronkelijke voorwoord van John Reed. Het boek is voorzien van een uitgebreid register en een nawoord van Nils Buis en Koen Wijnkoop.

Uitgegeven door Schokland in de reeks Kritische Klassieken (nummer 14)