Nieuwe uitgave

De God van Nederland: De Gedoemde Generatie – Jaargang 5, Nummer 17, Jan–jun 2018.

Redactie, geplaatst op 18 juli 2018


Wat is er geworden van de schrijvers en kunstenaars die geboren zijn tussen 1954 en 1966, en in de jaren ’80 en begin ’90 zijn gedebuteerd? Al meer dan dertig hebben inmiddels hun 60ste niet gehaald. Ze stierven na een hedonistisch leven vol drank en drugs, kregen vroegtijdig hartproblemen of kozen in hun wanhoop voor zelfdoding.

De God van Nederland, die alles ziet, staat in dit nummer stil bij die Gedoemde Generatie. Hij beziet de No Future-generatie van huizenkrakers, doemdenkers, snuivers en slikkers. Hangouderen waren het, mannen vooral, die zich de Maximalen noemden en die elkaar naar het leven stonden. De God van Nederland onderzoekt wat ze betekend hebben voor de literatuur en de kunsten en wat ze hebben nagelaten – in beide betekenissen.

Met bijdragen van Hein Aalders, Karin Amatmoekrim, Daan Doesborgh, Anton de Goede, Patrick van den Hanenberg, Theodor Holman, John Jansen van Galen, Ariejan Korteweg, Lucas Ligtenberg, Herma Meere, Peter Nijssen, Job van Oel, Bob Polak, Marja Pruis, Vic van de Reijt, Huug Schipper, Gerdy van der Stap, Arie Storm, Sarah Verroen, Peter Verstegen, Frits Marnix Woudstra. En nog vele anderen.

Tekeningen van Dirk Baartse, Don Englander, Peter van Hugten, Frits Jonker, Lies Kindt, Gabriël Kousbroek, Elisa Pesapane en Paul van der Steen. Foto’s van Bob Bronshoff en Willem Popelier. Kunst van Maureen Bachaus en Rob van Hemert. En nog veel meer. Vormgeving: Yolanda Huntelaar (Werkplaats Amsterdam).

Prijs: € 14,95

Voor meer informatie en een abbonement op De God van Nederland, ga naar deze pagina.
Een los nummer kopen kan bij de boekhandels op deze pagina.

Nieuwe uitgave

Atte Jongstra – De ontgroende mens (essays)

Redactie, geplaatst op 16 juli 2018


‘De ontgroende mens’ is een bundel essays en verhalen over onze omgang met de natuur. Waarom wandelen wij – en hoe? Wie wijst ons de weg? Wat zien we? Sinds de Homo sapiens de ploeg ter hand nam en de aarde openbrak, is hij zich meer en meer als heerser en bezitter gaan gedragen. Als Homo hyper erectus, zonder respect voor het ecosysteem waar hij zelf deel van uitmaakt. Dat moet anders, betoogt Jongstra in de even geestige en persoonlijke als erudiete stukken in De ontgroende mens.

Robinson Crusoe en ecoseksualiteit-goeroe Annie Sprinkle komen voorbij, de bejaarde mierenwerkster opereert als zelfmoordterrorist, de uil vliegt rond, zwammen weten de weg in een labyrint en de merel zingt. Alles is in alles. En bij dat alles vond Jongstra, liefhebber en kenner van het antiquarische boek, bijzonder veel passende, curieuze illustraties – uit minstens zes eeuwen.

“In elk van zijn boeken treft het de lezer telkens weer hoe Atte Jongstra citaten, verwijzingen en fictie weet samen te brengen in een kunstig, vermakelijk en vaak tegendraads werk van de verbeelding.” – Jury Constantijn Huygensprijs 2016

Atte Jongstra (Terwispel, 1956) is schrijver, dichter en essayist,
en daarnaast recensent voor NRC Handelsblad. Hem werd in 2016 de Constantijn Huygens-prijs toegekend. Jongstra debuteerde met De Multatulianen (1985). In 1990 ontving hij de Geertjan Lubberhuizenprijs voor De psychologie van de zwavel, in 1996 de Jan Greshoffprijs voor Familieportret en in 2009 de Max Pam Award voor zijn boek Klinkende ikken, verschenen in de reeks Privé-domein.
Zijn roman De avonturen van Henri ii Fix (2007) schreef Atte Jongstra naar aanleiding van de aanschaf op een veiling van een drietal kisten vol manuscripten en andere documenten van een excentrieke, 18e-eeuwse rariteitenverzamelaar uit Zwolle.
Atte Jongstra is incidenteel actief als beeldend kunstenaar en in 2013 stelde hij als gastcurator de tentoonstelling De paden naar het paradijs samen, in Rijksmuseum Twenthe te Enschede. Verder is Jongstra werkzaam binnen het ‘Collège de Pataphysique’, de wetenschap die zich onledig houdt met de oplossing van denkbeeldige problemen – onderwerpen als de zijwindgevoeligheid van de optelsom of de oppervlakte van God.

Luxe paperback
ISBN 9789072603814
160 pagina’s
rijk geïllustreerd
prijs € 22,50

Dit boek is te verkrijgen bij deze pagina van uitgeverij AFDH.

Nieuwe uitgave

Jean Echenoz – Drie broodjes in Le Bourget

Redactie, geplaatst op 13 juli 2018


Drie broodjes in Le Bourget 
van Jean Echenoz werd geschreven naar aanleiding van een initiatief van Gilberte Tsaï in het kader van een theaterproject in 2014. Bij Éditions de Minuit verscheen het in de verzamelbundel Caprice de la reine (2014). Wij vonden het zo’n typische Echenoz vertelling dat we het als een kleine novelle een eigen leven gunden.

Echenoz volgt het personage tijdens zijn reizen heen en weer tussen zijn huis en Le Bourget, een grijze buitenwijk van Parijs, gepocheerd als alle grijze buitenwijken van de wereld. De zinnen zijn onberispelijk, maar het begin is vlak, zonder kleuren, zonder hand uitgestrekt naar de lezer die zijn voet zou kunnen verliezen. Dan deze twee zinnen:

Ensuite, j’ai mis pas mal de temps à trouver l’organe de presse que je cherchais, qui est un quotidien vaguement de gauche et dont un seul exemplaire se trouvait au rez-de-chaussée du présentoir, presque invisible alors que toute la presse d’extrême-droite y bombait le torse à une tribune d’honneur. Cette observation m’a contrarié.

“Toen nam ik veel tijd om de krant te vinden waar ik naar op zoek was, wat een vaag achtergelaten krant is en slechts één exemplaar op de begane grond van het scherm stond, bijna onzichtbaar terwijl alle extreemrechtse pers zijn torso naar een tribune van eer duwde. Deze observatie irriteerde me. ”

Dit is volgens recensent Perrine Leblanc in tijdschrift Le Devoir de Echenoz manier van schrijven.

ISBN 978 90 78627 53 1
Vertaling: Hester Tollenaar
Omvang: 48 pagina’s
Prijs: € 16,95

Dit boek is te verkrijgen via deze pagina van uitgeverij Vleugels.

Nieuwe uitgave

Paulus de Boskabouter, in het Terschellings

Redactie, geplaatst op 11 juli 2018


Een nieuwe Paulus-uitgave vertaald in de drie dialecten van Terschelling en voorzien van een cd waarop het verhaal in die dialecten wordt voorgelezen.

Over de drie Terschellinger dialecten

Kunstenaar Jan van Oort liet in 1946 zijn baan bij het Amsterdamse Concertgebouworkest achter zich om op Terschelling een nieuwe carrière te beginnen met vertellingen over zijn boskabouter Paulus. Hij deed dat onder de naam Jean Dulieu vanuit een oude boerderij aan de Kooiweg in Hoorn.

In datzelfde Hoorn woont Richard van der Veen, die zich inzet voor het Aasters, het dialect dat om Oost wordt gesproken. Al vele jaren geeft hij leiding aan De Aaster Joonpraters, die zich bezig houden met het vertalen van boeken en toneelstukken. In 2009 vertaalden ze voor het eerst een boek van Paulus, dat onder de titel De winskhoed werd uitgegeven. Interessant was dat hierin ook twee andere dialecten aan bod kwamen. Want op West-Terschelling ‘preitse se Westers’, in Midsland en omgeving ‘prate se Meslânzers’ en om Oost ‘praatsje se Aasters’. Een bijzondere situatie voor een eiland van nog geen dertig kilometer lengte.

Om dat te begrijpen moeten we ver terug in de ontstaansgeschiedenis van de Waddenzee.
Vanaf 1200, toen de zee in kracht toenam en Terschelling geïsoleerd kwam te liggen, begon het oude Fries van de eilanders een eigen ontwikkeling door te maken. En nadat men in 1502 onder Hollands bestuur kwam waren de gevolgen voor de taalontwikkeling nog verstrekkender. Het gezagcentrum werd naar Midsland verlegd, midden op het eiland dus. Langzaamaan gingen de bewoners er meer en meer Hollands spreken. Het keurige Meslânzers kreeg op het eiland een hogere status. Aan weerskanten van Midsland werd de oude taal in ere gehouden, maar de Westers en de Aasters leidden – zo ver uit elkaar – hun eigen leven. Voor hun dialecten gold dit ook en zo ontstonden er door de tijd steeds meer verschillen.

Bij het eerste Terschellinger Paulus-verhaal was het voor de vertaalgroep een uitdaging om alledrie de dialecten te gebruiken. Maar De winskhoed bleek voor de meeste lezers goed te begrijpen. Wel kwamen er vragen over de uitspraak. Het was een nieuwe uitdaging voor de Aaster Joonpraters om dit te verduidelijken: tijdens de vertaling van De hansop tot Et ynstroeperke kwam men op het idee om aan de uitgave een cd-luisterboek in de drie dialecten toe te voegen. Steeds minder Terschellingers kunnen de dialecten tegenwoordig nog spreken. Maar met Et ynstroeperke in druk én als audioweergave denken we het uiterste te hebben gedaan om de drie prachtige dialecten die Terschelling rijk is een impuls te geven en ze zo lang mogelijk levend te houden.

Tekeningen en tekst: Jean Dulieu
ISBN 978-90-6447-050-9
Gebonden | 120 pagina’s
Incl. luisterboek-cd | € 14,90
18,5 x 22,5 cm (liggend)

Dit boek is o.a. te verkrijgen via Uitgeverij De Meulder.